“Hoe heb je het in je hoofd gehaald om de kaart van mijn zus te blokkeren?!” brulde Jan, buiten zichzelf van woede

Verhalen
Die harteloze daad voelde volstrekt onvergefelijk.

Het was geen zaak waar je zomaar even binnenliep voor een goedkope hap. In het Grand Palace begon de rekening meestal al rond de zestig euro per persoon, en dat zonder dat je uitbundig bestelde. Dit was een plek voor jubilea, zakelijke diners en avonden waarop mensen bewust wilden laten zien dat ze zich iets konden veroorloven.

Terwijl Emma langs een tafel bij de grote panoramaramen liep, hoorde ze plotseling een lach die ze onmiddellijk herkende. Bijna automatisch draaide ze haar hoofd om. Aan een tafel vol borden pasta, schaaltjes met zeevruchten en een geopende fles witte wijn zat Sophie.

In een nieuwe jurk.

Met drie vriendinnen om zich heen.

Ze praatten druk door elkaar, lachten luid en zagen eruit alsof er geen enkele zorg in hun leven bestond.

Emma bleef heel even staan alsof iemand haar had vastgezet. Ze twijfelde. Moest ze naar haar toe gaan? Iets zeggen? Vragen hoe dit precies zat? Maar na een paar seconden besloot ze dat het geen zin had om daar, midden in een restaurant, een scène te maken. Ze wendde zich af en liep terug naar haar eigen tafel.

Haar collega keek op.
‘Alles goed?’

Emma knikte, al voelde haar gezicht strak.
‘Ja hoor. Alles prima.’

Maar dat was het niet.

Die avond zei ze thuis niets tegen Jan. Ze probeerde zichzelf tot kalmte te dwingen. Misschien hadden Sophies vriendinnen betaald. Misschien vierden ze een verjaardag. Misschien had Sophie gewoon één avond nodig gehad om haar hoofd leeg te maken. Je moest niet meteen het slechtste denken, hield Emma zichzelf voor.

Toch was er iets gaan wringen.

Een paar dagen later zag ze Sophie opnieuw, dit keer in het winkelcentrum. Het was zaterdagmiddag. Emma was op zoek naar nieuw beddengoed toen ze bij de uitgang van een kledingwinkel een vertrouwd silhouet opmerkte. Sophie stond met haar telefoon aan haar oor en in beide handen droeg ze grote, volle tassen. Ze zag er opvallend tevreden uit.

Ditmaal liep Emma wel op haar af.

‘Sophie?’

Sophie schrok zichtbaar en draaide zich om. Heel kort gleed er iets van paniek over haar gezicht, maar ze herstelde zich snel en zette een glimlach op.

‘Emma! Hoi! Wat toevallig!’

‘Hoi.’ Emma liet haar blik naar de boodschappentassen zakken. ‘Lekker aan het winkelen?’

‘Eh… ja, nou…’ Sophie aarzelde. ‘Er was enorme uitverkoop. Echt belachelijke prijzen. T-shirts voor een paar euro, spijkerbroeken bijna voor niets. Ik kon het gewoon niet laten liggen.’

‘Aha,’ zei Emma, met een glimlach die haar moeite kostte. ‘Handig dan. En heb je inmiddels al werk gevonden?’

Sophie keek naar de grond.
‘Nog niet. Maar ik doe echt mijn best. Serieus. Ik ben al bij meerdere gesprekken geweest.’

‘Mooi,’ antwoordde Emma. ‘Succes ermee.’

Ze namen afscheid. Emma liep verder, maar vanbinnen trok alles samen tot een harde knoop. Uitverkoop, natuurlijk. In die winkel waren inderdaad vaak aanbiedingen. Alleen zaten die tassen behoorlijk vol, en Sophie maakte bepaald niet de indruk van iemand die elke euro moest omdraaien.

Die avond, terwijl Jan voetbal keek, ging Emma naast hem op de bank zitten.

‘Jan, ik moet iets met je bespreken.’

‘Nu?’ vroeg hij, zonder zijn ogen van het scherm te halen.

‘Ja. Over Sophie.’

Daarop keek hij eindelijk opzij.
‘Wat is er met haar?’

‘Ik heb haar gezien. Twee keer. Eerst in een duur restaurant met vriendinnen, en daarna in het winkelcentrum met tassen vol nieuwe kleding.’

Jan fronste.
‘En?’

‘Wat bedoel je met “en”?’ Emma probeerde haar stem rustig te houden. ‘Wij geven haar geld voor boodschappen en vaste lasten, omdat ze zogenaamd niet rondkomt. En ondertussen zit zij uitgebreid te eten in een restaurant waar je makkelijk zestig euro per persoon kwijt bent en koopt ze merkkleding.’

Jan zuchtte, op zo’n toon alsof hij iets eenvoudigs aan een kind moest uitleggen.
‘Emma, misschien hebben haar vriendinnen wel betaald. Jij hebt toch niet gezien wie de rekening pakte? En die kleding… ze zei zelf dat er uitverkoop was. Wat wil je dan? Dat ze in lompen rondloopt?’

‘Ik wil dat ze eerlijk is.’

‘Ze liegt niet!’ Jan verhief zijn stem. ‘Jij hebt gewoon iets tegen haar.’

‘Ik?’ Emma voelde hoe er iets in haar knapte. ‘Ik, die ermee akkoord ben gegaan om haar financieel te helpen, heb iets tegen haar?’

‘Je denkt meteen het ergste. Je hebt niets gevraagd, niets uitgezocht. Je begint direct met beschuldigingen.’

Emma stond op.

‘Weet je wat, Jan? Laat maar. Dan doen we het wel op jouw manier.’

Ze liep naar de slaapkamer, trok de deur achter zich dicht en ging op de rand van het bed zitten.

Bij Wieke Thuis